woensdag 15 juni 2016

Kippenflat - afscheid van de Maastrichtse politiek


Gisteren was het zover, na ruim tien jaar nam ik afscheid van de Maastrichtse gemeenteraad. Nadat burgemeester Annemarie Penn mooie woorden had gesproken, mocht ik nog één keer het college, de raad en de publieke tribune toespreken  vanachter het spreekgestoelte. Hieronder de tekst van mijn afscheidsspeech:


In mijn nieuwe baan houd ik me bezig met gezonde en betaalbare voeding voor iedereen. Omdat we het 7 miljard, binnenkort 9 miljard mensen mogelijk willen maken om gezond en betaalbaar te eten, terwijl we tegelijk onze aarde leefbaar willen houden. Dat gaat niet met biologische landbouw alleen, omdat er simpelweg te weinig ruimte is om al die koeien en kippen vredig te laten grazen en scharrelen. Zelfs niet als iedereen 60 euro per kip wil betalen, wat die overigens (relatief gezien) voor de tweede wereldoorlog ook kostte, een prijs die het voor een grote meerderheid van de mensen onmogelijk maakt om essentiële dierlijke eiwitten binnen te krijgen. Er is een prima oplossing, zo hebben de experts mij verteld: de kippenflat. In mijn eigen woorden: een flink gebouw, op de Beatrixhaven bij wijze van spreken, 80 verdiepingen hoog – vergelijkbaar met 20 mensenverdiepingen – veel leefruimte per kip, hoge ramen en grote balkons, zodat ze lekker naar buiten kunnen. Een echte klassieke win-win-situatie: goed voor de kip, goed voor de consument, gezond voor de mens, en prima voor het milieu, want al die schadelijke gassen en mest kunnen ter plekke worden opgevangen en mogelijk omgezet in energie.

En toch gaat die kippenflat er niet komen.

Dierenpartijen roepen dat het dieronvriendelijk is. Groene partijen zwijmelen bij de romantiek van kippen in de wei. Conservatieve partijen roepen dat boerderijen in het landschap horen. De feiten doen er niet toe, de onvermijdelijke ontwikkeling wordt genegeerd, een perfecte oplossing voor dier, mens en planeet gaat het niet redden. En nadat iedereen elkaar hardhandig de maat heeft genomen, zijgen we uitgeput maar voldaan neer, achter de schuttingen van ons eigen, uitvergrote gelijk. 

Waarom dit verhaal van de kippenflat? Niet omdat ik onze stad met een kippenhok, -ren, of – flat wil vergelijken, helemaal niet.

Maar wel omdat we in de politiek, ook in Maastricht, vaak geneigd zijn vanuit ons eigen kader te redeneren, waardoor de verschillen vaak onnodig worden uitvergroot, en we de overeenkomsten over het hoofd zien. En daardoor de beste oplossing als niet haalbaar of niet te verkopen van de hand wijzen. Maastricht, deze prachtige stad, kent een lange geschiedenis die als een krachtige motor van inspiratie de Maastrichtse samenleving voortstuwt in de toekomst. We zijn een sociale stad, een saamhorige stad, een inclusieve stad, al eeuwen lang. En daar zijn we allemaal trots op.

Een stad die al eeuwenlang een veilige haven is voor vluchtelingen. Maar waarom schreeuwen we dan zo hard tegen een asielzoekerscentrum? We zijn een internationale universiteitsstad, een stad die al eeuwenlang oud en nieuw, traditie en innovatie, weet te verbinden, die al eeuwenlang letterlijk muren afbreekt en doorbreekt om moderne ontwikkelingen ruimte te geven. Maar waarom schreeuwen we dan zo hard tegen een nieuw gat in de stadsmuur?

 “U schreeuwt zo, maar wat zegt u eigenlijk”, las ik dit weekend ergens. Na 10 jaar raadslidmaatschap is dat misschien de belangrijkste les voor mij: probeer te begrijpen wat een schreeuw eigenlijk zegt. Niet meteen veroordelen dat een wijk die het lastig heeft protesteert tegen de komst van vluchtelingen, maar proberen er achter te komen wat de mensen tot deze schreeuw beweegt. Niet de protesten tegen een klein gat in de stadsmuur afdoen met de redenering dat Poort Waarachtig en de Nieuwenhofpoort toch ook konden, maar het geluid achter de schreeuw te begrijpen.

Zoals gisteravond iemand tegen mij zei: nieuwsgierigheid is de belangrijkste waarde voor een vreedzame samenleving.

En natuurlijk hoor je dan wat men eigenlijk bedoelt te zeggen: gaat het niet wat snel? Hebben we nog contact? Waar staat ons mooie, maar kleine en ook kwetsbare stadje in een globaliserende wereld? Dat zijn vragen die het waard zijn gesteld te worden – en dat zijn de vragen waarover ‘de gemeente’, de politiek met de Maastrichtenaren, met alle Maastrichtenaren, in gesprek moet gaan. Niet om de gemaakte keuzes te veranderen, wel om de grote kracht van Maastricht verder te versterken: die sociale, saamhorige, internationale stad waar iedereen welkom is en waar iedereen een eerlijke kans krijgt op een goed leven.

Mijn stad, die ik, ondanks flirts met Zürich en Shanghai, eeuwig trouw blijf. Waar ik als Hollender in Mestreech me heel erg welkom voel. En waar ik enorm trots op ben.

Net zoals ik trots ben op deze gemeenteraad, het stadsbestuur, waar ik 10 jaar met heel veel plezier deel van heb uitgemaakt.

En jullie kennende, zou het zomaar kunnen dat,

na een heleboel stads- en raadsrondes,
na luidruchtig protest van Jan dat hij niks meer mag zeggen in de Raadsvergadering,
een interruptie van Gert-Jan die benadrukt dat het eigenlijk een idee was van GroenLinks,
na een lange bijdrage van Frans waarin hij stelt dat de visie ontbreekt,
na een inbreng van Richard Schoffeleers die de bestemmingsplantechnische onderbouwing mist,
een verklaring van Jos Gorren waarin hij betreurt dat het initiatief niet van een leuke vrouw komt,
het weerwoord van John Aarts die het collegevoorstel verdedigt omdat het goed is voor de nakomelingen van Vivianne,
na een ontboezeming van John Günther die ons allemaal laat weten dat de SP natuurlijk tegen is, maar uit liefde voor Jack voorstemt,
nadat de Seniorenpartij aarzelend akkoord gaat na 13 werkbezoeken,
Niels Peeters in een betoverend betoog de beveiliging kraakt,

en ik, kijkend vanaf de publieke tribune, geheel tegen mijn ongeduldige aard in, op mijn handen moet gaan zitten bij een interruptie van Kitty die zegt dat ze het er natuurlijk mee eens is, maar toch tegenstemt omdat het voorstel van de PvdA komt,

zou het zomaar kunnen, dat na al die prachtige Maastrichtse rituelen, heel burgermeesterlijk voorgezeten door een onverstoorbare Annemarie Penn,

dat die Kippenflat er in Maastricht binnenkort gewoon staat.

Dank jullie allemaal voor een onvergetelijke tijd.

donderdag 1 augustus 2013

Handhaving kiest eigen prioriteiten

Over één aspect van de verhitte discussies hoeven we het helemaal niet te hebben: blijf van onze handhavers af. Zij doen hun werk, en volgen instructies op. Wethouder Aarts heeft helemaal gelijk dat als ons bepaalde regels niet bevallen (vergunningen voor straatmuziek, verbod op uitstallingen), de discussie in de raadszaal wordt gevoerd. En niet via onze handhavers. Toch bepalen de handhavers zelf ook wanneer – en hoe – ze handhaven. Op zijn minst hun leidinggevenden. De politie geeft prioriteit aan bepaalde overtredingen, onze handhavers doen dat ook. Ik heb nog nooit een politiecontrole gezien waarbij fietsers massaal worden gecontroleerd of hun fietsbel werkt. Toch is het strafbaar als je niet aan die eis voldoet. De politie heeft wel wat anders te doen, en terecht. En dan zie je met eigen ogen dat onze handhavers vaak vreemde keuzes maken. Het stadspark is bij avondschemering vergeven van scooteraars met harde muziek, veel drank, die ook nog wandelaars en joggers lastig vallen. Nog nooit één handhaver gezien. Dan wekt het – heel begrijpelijk – onbegrip en weerstand op als wel wordt opgetreden tegen straatmuzikanten en stoepzitters. Daarmee komen we bij het tweede punt: het doel van handhaving. In een rechtsstaat zijn regels er primair voor bedoeld om mensen te beschermen tegen inbreuken door anderen. Handhaving van die regels hoort niet willekeurig, maar gericht te zijn, op de momenten dat de overlast ook daadwerkelijk ontstaat. Een prachtig spelend jazzbandje dat tientallen voorbijgangers plezier verschaft, moet je niet eens willen controleren. Tenzij ze op andere wijze overlast veroorzaken, bijvoorbeeld door het verkeer te blokkeren. Hetzelfde geldt voor de rosé-drinkende stoepzitter (niet geheel toevallig samenvallend met de illegale uitstaller). Een enkel geval: laat gaan. Wordt het een permanente braderie: handhaven. Het handhaven van de openbare orde is een wezenlijk andere taakopvatting dan het opsporen van strafbare feiten. Wethouder Aarts wil het ons allemaal nog een keer gaan uitleggen waar de handhavers voor staan, en dat is goed. Maar als handhaving zelf nu ook eens zijn beperkte capaciteit gericht gaat inzetten op het bestrijden van daadwerkelijke en herkenbare overlast, dan verdienen onze handhavers vanzelf weer hun respect en gezag terug.

dinsdag 22 januari 2013

Opheffen verplichte winkelsluiting leidt tot meer kwaliteit en werkgelegenheid

We snakken allemaal naar rust in deze soms dolgedraaide 24-uurseconomie. Naar momenten van verstilling, waarop de stad zich in zijn volle, authentieke schoonheid laat zien. Zonder plastic tenten en schuttingen op het Vrijthof, zonder ellenlange walmende files voor de parkeergarages, zonder drommen mensen die de Grote Staat verstoppen. We snakken allemaal naar momenten van bezinning. Naar ruimte in ons hoofd en onze tijd om aandacht te besteden aan familie en kinderen. Om te bidden, te studeren of gewoon eens voor ons uit te staren. Daar komen we veel te weinig aan toe, in deze samenleving waar ons geen rust meer wordt gegund omdat we of aan het werk zijn, of mee moeten doen aan evenementen, vertier en consumentisme. Vandaag behandelden we in de Maastrichtse gemeenteraad de laatste strohalm die we hebben om die momenten van verstilling te bereiken: de van overheidswege verplichte winkelsluiting gedurende 30 van de 365 dagen per jaar. De overheid heeft immers NU nog de kans om tegen de winkeliers zeggen: gemiddeld 1 op de 12 dagen moet u uw winkel sluiten om de stad tot rust te laten komen. De verleiding was groot om die strohalm te grijpen. Dan heb je in ieder geval wat. De vraag is: heb je wat? En wat heb je eraan? Achter die laatste strohalm zit een enorme hooiberg vol met overlast, luchtvervuiling, onnodig parkeerverkeer, tientallen zondagen met evenementen die vaak afbreuk doen aan de schoonheid van de stad. En door die ene laatste strohalm te grijpen, leiden we de aandacht af van het werkelijke vraagstuk: hoe bereiken we kwaliteit en toekomstbestendigheid van het Maastrichtse centrum? Genoeg is genoeg, zegt het CDA, en wij zijn het daar mee eens. Maar de vraag is wat het oplost voor de kwaliteit van de stad als je één type ondernemer dwingt om 1 op de 12 dagen zijn onderneming stil te leggen, en vervolgens de evenementondernemer en de kroegbaas stimuleert om zoveel mogelijk mensen naar de binnenstad te trekken. De vraag is wat het oplost voor de sociale kwaliteit als niet alleen kroegen en evenementen, maar ook sportscholen, bioscopen en theaters en fabrieken, ziekenhuizen en busmaatschappijen, kortom: vrijwel alle ondernemers zelf mogen beslissen wanneer ze ondernemen – en dus hun medewerkers naar het werk halen – maar wij de winkeliers opleggen om 1 op de 12 dagen hun onderneming stil te leggen. De verplichte winkelsluiting gedurende 30 dagen per jaar lost waarschijnlijk niets op. Het heeft een hoge symboolwerking en u weet wat symbolen doen in de politiek: het geeft ons een goed gevoel dat we tegemoet zijn gekomen aan de vele Maastrichtenaren die snakken naar de momenten van verstilling en bezinning. Maar het lost de werkelijke problemen niet op. Kwaliteit en toekomstbestendigheid centrum Genoeg is genoeg, zegt de PvdA. En daarom willen we een einde aan de rijen auto’s die, traag voortkruipend en fijnstof uitspuwend, op zoek zijn naar dat ene laatste parkeerplekje bij het Vrijthof. Genoeg is genoeg, zegt de PvdA. En daarom willen we dat het College de 60-dagennorm op het Vrijthof vol omarmt en niet probeert via de mazen van het evenementenbeleid, met halve pleinen en vage formuleringen, toch zoveel mogelijk evenementen naar het Vrijthof te brengen. Genoeg is genoeg, zegt de PvdA, en daarom willen we werk maken van een ringenstructuur voor parkeren in het centrum. Wie in de VIP-lounge van ons stadstheater – het Vrijthof – wil parkeren, mag daarvoor best betalen. Genoeg is genoeg, zegt de PvdA, en daarom willen we maatregelen die goed zijn voor milieu en luchtkwaliteit in onze stad. De laatste strohalm – de winkels verplicht sluiten gedurende 30 dagen per jaar – is volgens ons niet het middel om dat doel te bereiken waar we met de hele gemeenteraad, unaniem voor staan: een leefbare, schone stad, met kwaliteit en rust, die zich in zijn volle gulheid ontvouwt en gastvrijheid biedt aan al die mensen die komen voor de authentieke schoonheid van deze mooiste stad van West-Europa. Een stad waar winkels zeer zorgvuldig zijn ingepast in het historisch straatbeeld, ze horen erbij als de Servaasbrug bij de Maas. Zondag 6 januari – een officiële koopzondag – was zo’n dag die symbool stond voor dit ideaalbeeld van Maastricht. Een prettige, rustige zondag, met flanerende bewoners en bezoekers, een zeldzaam weekend zonder evenement en met een aantal open winkels. Geen lange rijen voor de Vrijthof-garage, geen verkeersopstoppingen. Een binnenstad zoals een binnenstad bedoeld is. Een zegen. Een zeldzaamheid, waarbij het Vrijthof in zijn volle pracht schitterde, niet aan het oog ontrukt door grijs plastic. Sommige winkels waren open, lang niet allen. Het feit dat de overheid stopt met de verplichte winkelsluiting wil dus nog niet zeggen dat er 52 koopzondagen komen. Er zijn immers ook geen 52 koopmaandagen. Dan zijn de meeste winkels dicht of half dicht. Ook mogen winkels elke avond tot 22 uur open en toch is er maar één koopavond. De PvdA wil geen 52 koopzondagen. En daarom hoop ik ook, en ik roep de winkeliers daartoe ook op, dat ze geen 52 koopzondagen als evenement gaan organiseren, maar dat ze gewoon de zondag gebruiken als elke andere dag: kunnen ze iets verdienen aan de mensen die toch al in Maastricht rondlopen dan moeten ze dat vooral doen, en kunnen ze dat niet, dan moeten ze vooral niet opengaan - geen opgelegd pandoer, geen groepsdwang. De laatste strohalm. Laten we hem grijpen. Niet om één groep ondernemers – de winkeliers – te verbieden om 30 dagen per jaar te ondernemen, maar om nu eens eindelijk het hele spectrum op de schop te nemen en daadwerkelijk stappen te zetten op weg naar een toekomstbestendige binnenstad, waarin de belangen van bewoners, bezoekers én ondernemers meegenomen worden. Een binnenstad waar mensen graag willen wonen, waar toeristen langer dan een dag willen blijven en waar ondernemers graag zaken doen. Om dat te bereiken hebben wij, samen met SPM, VVD, D66 en SBM, een motie ingediend met de volgende beslispunten: 1. Binnen een jaar via een interactief proces met alle belanghebbenden een integrale visie op het centrum te ontwikkelen en door de gemeenteraad te laten vaststellen; 2. Binnen een jaar het principe van de zogeheten ringenstructuur voor parkeren in het centrum in te voeren, waardoor het financieel minder aantrekkelijk gaat worden om in hartje binnenstad te parkeren; 3. Binnen een jaar een aantal (mobiliteits)maatregelen, die leiden tot verbetering van milieu en luchtkwaliteit, in te voeren; 4. Binnen een jaar tot een aanscherping van het evenementenbeleid te komen, waarbij vooral de belasting van het Vrijthof een belangrijk aandachtspunt is. De motie is aangenomen. Werkgelegenheid Een belangrijke overweging om ondernemers de vrijheid te geven op zondag hun winkel te openen is het feit dat het leidt tot meer diversiteit. Maastricht profileert zich graag als winkelstad, maar scoort een stuk lager qua diversiteit dan bijvoorbeeld Roermond, waar de verplichte zondagssluiting al jaren geleden werd opgeheven. Meer diversiteit betekent een aantrekkelijkere stad. Het leidt ook tot meer omzet, zo bewijzen alle onderzoeken, onder andere ook weer in Roermond. Meer omzet, een aantrekkelijkere bezoekersstad, betekent meer werkgelegenheid. Genoeg is genoeg, geldt voor de PvdA niet als het gaat om werkgelegenheid. Maar voor ons is het dan wel van cruciaal belang dat die extra werkgelegenheid ook waargemaakt wordt en dat die nieuwe werkgelegenheid ook daadwerkelijk tot echte kansen voor mensen met een uitkering leidt. Wij waarderen de inzet van het (groot)winkelbedrijf op dit gebied, maar willen nog wel iets meer inspanning en garanties vragen. Werk moet ook echt werk zijn. Het werkgelegenheidsproject moet voor ons daarom worden uitgebreid tot minimaal 25 arbeidsplaatsen. Niet alleen heeft het (groot)winkelbedrijf toezeggingen gedaan op het gebied van werkgelegenheid, maar ook op het ondersteunen van de kleine winkelier en van culturele activiteiten. Voordat het mogelijk maken van zondagopenstelling ingevoerd kan worden, willen wij die toezeggingen zwart op wit hebben in concrete plannen van aanpak. En omdat niemand kan inschatten of er, en zo ja welke, ongewenste neveneffecten optreden bij het opheffen van de verplichte winkelsluiting gedurende 30 dagen per jaar, lijkt het ons zinvol de door de wethouder gedane suggestie van een proefperiode van 2 jaar over te nemen. Het is dan wel van belang dat er na een jaar een tussentijdse evaluatie plaatsvindt op basis van door de raadscommissie ESZ vastgestelde heldere en duidelijke evaluatiecriteria. Om deze redenen hebben wij het amendement dat SPM, samen met VVD, D66 en SBM heeft ingediend. Dit amendement is uiteindelijk aangenomen door een ruime meerderheid van de gemeenteraad. Sterk en sociaal Dat wat de tegenstanders als laatste strohalm zien, is voor ons een kans. Een kans om de échte problemen van de Maastrichtse binnenstad aan te pakken. Een kans om nu echt samen met alle belanghebbenden een visie op die binnenstad te ontwikkelen. Een kans voor ondernemerschap en werkgelegenheid. Een sterke en sociale kans. Sterk omdat we met het mogelijk maken van zondagopenstelling één van de sterktes van Maastricht -het winkelkarakter- versterken, terwijl we tegelijkertijd een aantal problemen van de binnenstad aanpakken. En sociaal omdat we hiermee werkgelegenheid creëren, ook voor mensen die een steun in de rug nodig hebben. Laten we deze kans, in deze vorm, grijpen.

vrijdag 2 november 2012

Zorgpremie zet solidariteit onnodig onder druk

Solidariteit is een groot goed en het nieuwe regeerakkoord getuigt daarvan. De PvdA mag blij zijn dat de rode lijn letterlijk en figuurlijk ferm zichtbaar is. Op één punt dreigt het akkoord echter zijn doel te missen: de inkomensafhankelijke zorgpremies. Als iemand die zes maal bijstand verdient, 24 maal zoveel premie moet gaan betalen – en tegelijk ziet dat de run op de zorg niet verminderd wordt – dan zet het regeerakkoord de solidariteit tussen bevolkingsgroepen onnodig onder druk. Een rechtvaardig gevoel van solidariteit berust altijd drie principes: 1. de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten; 2. solidariteit komt van twee kanten: ook de minder bedeelde groepen dragen een verantwoordelijkheid voor zelfontplooiing: qua ontwikkeling én gezondheid; 3. en de overheid betuigt zich een goed rentmeester over de opgebouwde waarden van de solidaire samenleving. Het eerste principe staat buiten kijf. Het tweede betekent: zorg zoveel mogelijk voor je eigen gezondheid en spreek de samenleving pas aan als het echt nodig is. Het derde betekent: overheid, ontwikkel een visie op fundamentele hervormingen in de zorg. Eigen verantwoordelijkheid en visie, dat is wat de zorgparagraaf van dit regeerakkoord ontbeert. Dit stelsel zorgt ervoor dat er geen enkele relatie meer bestaat tussen gebruik van de zorg en betalen voor de zorg. Daarnaast haalt het elke prikkel uit het belonen van een gezonde leefstijl waardoor de run op zorg verminderd kan worden. Het draagt niet bij aan het afremmen van de massale run op huisarts en ziekenhuis. Het gevoel van rechtvaardigheid – dat altijd de basis is onder solidariteit – valt hierdoor weg. Door dit regeerakkoord zullen de zorgkosten gaan exploderen, waarbij ook nog het maatschappelijke draagvlak – het beroep op solidariteit – voor dit systeem wankelt. Voor Maastricht is er nog een extra opgave, omdat ongezond leven in onze regio een extra groot probleem is. De PvdA Maastricht zal vandaag tijdens het congres daarom een motie indienen die oproept de solidariteit niet onnodig onder druk te zetten door een disproportionele lastenverzwaring,en dit te financieren door zowel bezuiniging(sterkste schouders, zwaarste lasten)als hervorming (waarbij ook een gedragsverandering van de zorggebruikers wordt gevraagd). In mijn ogen zouden onderdelen van zo’n echt sociaal en hervormend zorgplan de volgende kunnen zijn: • De allerlaagste inkomens worden geheel vrijgesteld van zorgpremie; daarboven heeft iedereen dezelfde nominale premie; • Ziek worden is vervelend, en het kost ook nog geld. Dat principe leidt tot een eigen risico dat voor hoge inkomens best hoog mag zijn, hoger dan in dit regeerakkoord. En dus veel sterker inkomensafhankelijk. Bijvoorbeeld 10% van het inkomen. Ook voor miljonairs.Immers: als je ziek wordt, en je kunt het betalen, dan vormt geld de minste pijn.Daarmee geef je ook invulling aan het basisidee achter een verzekering: die spreek je pas aan als het moet; • Het verlaagde BTW-tarief van 6% is ooit bedoeld om de primaire levensbehoeften betaalbaar te houden. Definieer als primaire levensbehoefte: die producten die volgens het Voedingscentrum tot de ‘Schijf van Vijf’ worden gerekend. Dus niet: snacks, chips, cola, fastfood, alcohol en andere -bij overmaat- ziekmakende producten. Die kunnen terug naar 21%, waarmee gezond leven wordt gestimuleerd, en de run op zorg verminderd.

dinsdag 24 januari 2012

Veel toeristen die weinig uitgeven

Deze week hebben we het weer eens over een mogelijk nieuw evenement op het Vrijthof, het WK-dorp, en opnieuw onder het motto ‘economie’. Daar kan een risico aanzitten. Er komen ieder jaar meer mensen naar Maastricht, en dat is zeker het gevolg van het toenemend aantal evenementen. Maar weten we ook welke mensen niet meer naar Maastricht komen, juist vanwege de verdisneysering? En wat we onderaan de streep aan inkomsten mislopen? Dat is absoluut een onderzoek waard.

Als je toerisme ziet als een product, dan moet je weten wie je klanten zijn. De gewenste doelgroep van Maastricht is “de kwaliteitstoerist” om daarmee het meerdaags verblijf te bevorderen, zo lezen we in de VVV-strategie. De werkelijkheid is echter precies het tegengestelde. Slechts 20% van de bezoekers van Maastricht komt uit deze doelgroep. De blauwdruk daarvan zien we dagelijks om ons heen: steeds meer dagjesmensen, terwijl de bestedingen en de overnachtingen onder druk staan. Meer bezoekers betekent namelijk nog niet meer winst: dagjesmensen geven drie keer zo weinig uit als verblijfstoeristen, terwijl ze wel net zoveel kosten, net zoveel files veroorzaken, lucht vervuilen en parkeergarages verstoppen. Bij de toeristische sector als geheel staat de winstgevendheid dan ook onder druk: de omzetten stijgen weliswaar licht, maar de kosten veel harder waardoor grote verliezen dreigen en zich al openbaren.

Het beleid van de stad Maastricht is niet gericht op het keren van deze ontwikkeling, maar wil meer, meer, meer. Omdat we worden verblind door de hoge bezoekcijfers van de evenementen. We meten echter maar een heel klein deeltje van de werkelijkheid. Als CocaCola bier in haar flesjes gaat stoppen, dan levert dat ongetwijfeld een aantal nieuwe klanten op. Maar er haken er waarschijnlijk nog veel meer af. Kijk je alleen naar de verkoop van de nieuwe bier-divisie van CocaCola, dan is de volgende stap: nog meer bier. En zo vreet het ooit zo machtige merk zichzelf van binnenuit op.
Maastricht heeft dezelfde reflex: de bestedingen staan onder druk, dus pompen we nog meer mensen de stad in, gelokt door nog meer evenementen.

De keuze van de VVV voor kwaliteit en duurzaamheid is niet elitair - iedereen is en blijft welkom in Maastricht - maar een dappere en noodzakelijke keuze om onze kleine en kwetsbare stad te ontwikkelen richting minder mensen, die langer blijven – en daardoor dus meer besteden.

Maar wat wil die ‘kwaliteitszoeker’? Hebben wij wel eens onderzocht wat de beoogde klanten verwachten van Maastricht? Hoe ze het Vrijthof het liefst zien in Wintertijd: feeëriek verlicht als de rest van Magisch Maastricht, of verpakt in plastic tenten?

Daarom pleit ik vanavond in de gemeenteraad voor een diepgaand marktonderzoek: wie willen we in Maastricht verwelkomen, wat wil deze klant en hoe ontwikkelen we het toeristisch aanbod van de stad zo dat aan die verwachtingen wordt voldaan. Persoonlijke voorkeuren moeten we daarbij opzij zetten. In de citymarketing geldt de Wet van de Sportvisser, zo hield prof. Hospers ons onlangs voor: “Als je weet welke vis je wil vangen, dan kies je het aas dat hij lekker vindt, en niet wat jij lekker vind.”

woensdag 18 januari 2012

Een elftal met 15 spelers

En weer dient zich een evenement aan dat per se op het Vrijthof wil: het WK-dorp. En weer durft het College van B&W niet te kiezen voor spreiding van evenementen over de (binnen)stad. En dus wordt door sommige partijen de 60-dagennorm voor het Vrijthof weer ter discussie gesteld. Moeten het er geen 70 worden? Of maar helemaal loslaten?

Het Maastrichts evenementenbeleid is als een weifelende voetbaltrainer. Om maar vooral geen keuzes te hoeven maken tussen zijn talenten probeert de coach de scheidsrechter te overtuigen dat er best meer spelers het veld op mogen. Want ach, kleine spelers tellen we gewoon voor de helft mee, en spelers die niet aan de bal zijn, tellen we even niet mee. Zodat de trainer uiteindelijk 15 voetballers in het veld kan brengen.

De 11-spelersnorm is er niet voor niks. Natuurlijk, het hadden er ook 10 of 12 hadden kunnen zijn. Maar niet veel meer, want dan sneeuwt de echte schoonheid van het spel onder in een propvol veld. En niet veel minder omdat het dan een saaie, lege boel wordt zonder strijd en spanning. De 50-dagennorm voor het Vrijthof (inmiddels al opgerekt naar 60) is er ook niet voor niks. Hij is er op de eerste plaats omdat het Vrijthof in zijn authentieke schoonheid meer aantrekkingskracht heeft dan volgepropt met feesttenten en attracties. Dat zeggen ook de bezoekers die Maastricht op nummer 1 als koopstad zetten: het is de entourage van de stad en het winkelaanbod dat hen bekoort, en niet de evenementen. Op de tweede plaats is de norm er om de leefbaarheid van de stad te waarborgen. Een gezin besteedt per jaar net zoveel als 500 dagjesmensen, dus ook voor de economie van de stad is de woonfunctie cruciaal.

De 11-spelersnorm heeft een heel sterk bijkomend effect: voetballers moeten onderling bewijzen dat ze de beste zijn. Dat leidt tot een gezonde concurrentie en maximale kwaliteit. In Maastricht is dat helemaal niet nodig: huur een feesttent en een tap en je mag direct door naar het Vrijthof. En als zich dan plotseling een top-evenement aandient dat kennelijk de moeite waard is, zoals het WK-dorp, wordt het weggestuurd –want het plein is vol – of wordt de norm weer eens ter discussie gesteld. Als we maar niet hoeven te kiezen.

Wat zou MVV doen als zich plotseling Messi aandiende? Zegt de club dan: helaas. Lionel, we hebben er al elf? Of gaat de trainer stiekem proberen 12 spelers in het veld te smokkelen? Nee, dan wordt er een andere speler afgehaald. Die misschien bij een andere mooie club nog veel beter tot zijn recht komt. Maastricht heeft ook nog heel veel andere mooie pleinen. Maar dan moeten B&W eindelijk eens een keer hun verantwoordelijkheid nemen en evenementen gaan spreiden. En niet – aangemoedigd door een groeiende raadssteun – proberen telkens de normen te ontduiken of op te rekken.

woensdag 17 augustus 2011

Mestreech swingt

Het einde van de zomervakantie begint meestal met goede voornemens – zo ook bij mij: het weblog Hollender in Mestreech gaat weer van start!

Even heb ik erover gedacht om de titel te wijzigen in Holbewoner in Mestreech. Want toen ik vorige week in De Limburger Theo Coenegracht met droge ogen zag beweren dat lounge-concepten in Maastricht niet aanslaan, omdat ‘er toch geen dertigers meer wonen’ en dat 'de' Maastrichtenaar (let alleen al op het woordje 'de') alleen maar in bruine café’s met Beppy en Frans wil komen, toen werd ik toch wel een beetje wanhopig. Als we dat met z’n allen blijven roepen, ja, dan wordt het vanzelf een keer werkelijkheid. Maar dat er in Maastricht en omstreken heel veel mensen wonen die soms van Beppy, Frans en carnaval houden en tegelijk van een hippe espresso bij CoffeeLovers, dat past niet in de wereld van horecavoorzitter Theo Coenegracht.

'De' Maastrichtenaar bestaat niet. Gelukkig niet! Wat werd ik daarom blij van de openingsavond van Beluga Beach Club: hip, hot and happening. Met 1600 bezoekers, een fantastische sfeer en een grootstedelijke uitstraling. Aan de Maas, op de Griend, die ineens toch een prima evenementenlocatie blijkt te zijn. Het kan dus zeker in Maastricht. En het hoeft niet altijd op het Vrijthof. Hans van Wolde met z’n team verdienen complimenten dat ze hun nek durven uitsteken.

Wat voor stad willen we zijn? Dat is de vraag waar het uiteindelijk om draait. Een dynamische, zichzelf vernieuwende en telkens verrassende stad? Een stad ook die gastvrij is voor iedereen? Een stad waar eeuwenoude historie en de bijbehorende tradities hand in hand gaan met een open oog voor de toekomst en nieuwe bewoners? Een stad waar de balans tussen leefbaarheid en dynamiek vorm krijgt door spreiding van evenementen over verschillende lokaties en door goed overleg tussen bewoners en ondernemers? Het lijken retorische vragen, maar de werkelijkheid laat soms een ander beeld zien.

Graag ga ik de dialoog aan over dit thema, via dit weblog, mijn facebookpagina of twitter: @NellekeBarning. Maar ook persoonlijk: vanaf medio september gaan m’n Pieter-avonden weer van start, de laatste maandag van elke oneven maand, 20.30 uur, café de Pieter. Dus voor 2011: maandag 26 september en maandag 28 november. En wie in bredere samenstelling mee wil praten over zaken die Stad, Streek en Ommeland raken: het Ipanemadebat! De eerste editie van dit seizoen vindt plaats op zondag 11 september, 12.00 uur in café Ipanema. Met als thema: ‘Een poppodium in Zuid-Limburg! Maar waar?’ Sprekers zijn o.a. Joery Wilbers van de Nieuwe Nor in Heerlen, Jan Smeets van Pinkpop, hopelijk Wim Smeets van de Muziekgieterij en de drie cultuurwethouders van Maastricht, Sittard-Geleen en Heerlen.

Maar eerst volgende week het Preuvenemint en vast en zeker nog een bezoekje aan Beluga Beach Club. Traditie en vernieuwing, de dingen waardoor ik me als Hollender in Mestreech nog wel even thuis blijf voelen.

zondag 13 februari 2011

Inloopavond binnenstadbewoners op 21 februari!

In tegenstelling tot mijn eerdere bericht, zal de eerstvolgende inloopavond voor binnenstadbewoners in cafe De Pieter plaatsvinden op maandag 21 februari a.s.: vanaf 20.30 uur is iedereen die de Maastrichtse binnenstad een warm hart toedraagt, van harte welkom!

dinsdag 11 januari 2011

Elke tweede maandag van de maand: Binnenstad-inloopavond

Gisteravond was mijn eerste Binnenstad-inloopavond in Café de Pieter. Ik heb besloten deze avond iedere tweede maandag van de maand te organiseren om 20:30 uur. Reden: er leeft zo ongelooflijk veel in en rond de Binnenstad, en ik wil als gemeenteraadslid die geluiden effectief overbrengen naar het stadsbestuur. En natuurlijk zorgen dat er iets mee gebeurt.

De eerste Binnenstad-inloopavond leverde in ieder geval een duidelijk beeld op dat mensen het beu zijn om in een pretpark-decor te leven. Het is prima dat er veel bedrijvigheid is, ook horeca, maar evenementen als 'Magisch Maastricht' doen de stad op de lange termijn meer kwaad dan goed. Mensen die van Maastricht houden en daarom de stad bezoeken willen geen Vrijthof dat onherkenbaar is verminkt door gigantische plastic tenten en kermisattracties. Juist de kwaliteitstoerist willen we in Maastricht hebben, want die zorgt voor volle hotels en restaurants, en geniet van de stad zoals die in zijn pure schoonheid is. Met de mooie sfeerverlichting die zeker wel geslaagd was, dit jaar.

De binnenstadsbewoners worden vaak ten onrechte afgeschilderd als een elitair clubje rustzoekers, dat protesteert tegen iedere decibel in hun straat. Niets is minder waar: de bewoners van de binnenstad houden juist van de levendigheid, maar vragen wel van onze gemeente dat de regels die hen moeten beschermen tegen exceptionele overlast, worden gehandhaafd. En dan hebben we het over de 50-dagen norm, over het beschermen van de woonfunctie (geen uitbreiding horeca) en over het optreden tegen vandalisme, nachtelijke vechtpartijen, wildplassen en onnodige geluidsoverlast. Dat is toch niet teveel gevraagd?

Bent u ook begaan met de Binnenstad? Als bewoner, bezoeker, bedrijf of barman? Bezoek dan de maandelijkse inloopavond Binnenstad: iedere tweede maandag van de maand, Café de Pieter, Pieterstraat Maastricht, 20:30 uur. De eerstvolgende is op maandag 14 februari.

dinsdag 23 november 2010

Balans in de Binnenstad

En dan kom je er tot je schrik achter dat je laatste weblog dateert van 22 juni 2010... De hoogste tijd voor een frisse start dus! Zeker omdat het wonen in het centrum van Maastricht weer eens volop in discussie is, en volgens velen ook onder druk staat.

En dus zullen we als stadsbestuur onze aandacht nu echt aan de bewoners van het centrum moeten geven. Ik zal daar met veel energie voor vechten. Noteert u alvast in uw agenda: 10 januari, en vanaf dan elke eerste maandagavond van de maand vanaf 20:30uur inloopavond voor alle centrumbewoners bij cafe de Pieter. Zodat we met elkaar de vinger aan de pols kunnen houden en zorg dragen voor balans in de binnenstad.

Ik ben volksvertegenwoordiger geworden om het volk te vertegenwoordigen, en in mijn geval is het logisch dat ik mij dan vooral richt op het gewone volk in het centrum van de stad, mijn 'natuurlijke' achterban. Gewone mensen ja (het buurtinkomen van de Binnenstad is hetzelfde als in Daalhof) die gewone zorgen hebben over wat je als gewoon woongenot mag ervaren. Het is dan ook een gotspe om door een aantal horeca-ondernemers en hun voorzitter voortdurend weg gezet te worden als een zuur clubje klagers, dat niet met zijn tijd meegaat. Alsof meer decibellen en meer plat vermaak 'met je tijd meegaan is'?

Gister bleek tijdens de VVV-presentatie dat Nederlanders Maastricht vooral associëren met 'chique' en 'bourgondisch' - en dat ze daarom graag naar Maastricht komen. Dan zullen de ondernemers die zo klagen over de binnenstadsbewoners toch eens een keer moeten snappen dat plat vermaak, toeristentreintjes, stinkbussen, plastic feesttenten, touwtrekevenementen en een klereherrie precies het tegendeel opleveren? En dus toeristen wegjaagt? "Arm Vrijthof", schreef de NRC een tijdje geleden. "Ze ligt erbij als een stinkende hoer waar teveel kerels over heen zijn gegaan." Ja, dat is met je tijd meegaan, dat is goede PR, beste ondernemers. En kom me nu niet aan met het verhaal dat 'chique' gelijk staat met 'elitair'. Als er 1 volk op aarde is dat bewijst dat 'sjiek' van alle lagen van de bevolking is , dan is het de Maastrichtenaar, van wie ik zo graag volksvertegenwoordiger ben

Met je tijd meegaan betekent dus juist: aansluiten bij de kernwaarden van Maastricht.

Ook de bewoners van het Jekerkwartier worden steeds bezorgder over de toegenomen overlast van een paar horecagelegenheden. Terecht, want de afgelopen paar jaar is het karakter van de horeca in het Jekerkwartier wezenlijk veranderd. Van dorpskroeg naar dancing. Zoiets gaat sluipenderwijs en is moeilijk in regels te vangen. Hoeft ook niet. Als de overlast maar binnen de perken blijft, en er goed wordt gehandhaafd. Want, zoals ook oud-schepen van Brugge, VandenAbeele, onlangs aangaf tijdens een bijeenkomst van de Vereniging Vrienden Binnenstad: de woonfunctie van een binnenstad is het meest kwetsbaar en moet door de overheid dus het meest beschermd worden. De eigen inwoners zijn het kapitaal van de stad.

Al die horeca-ondernemers die gaan voor het korte-termijn geldgewin moeten weten dat elk gezin dat zij het centrum uitjagen, gecompenseerd moet worden door 500 dagjesmensen om hun jaarbesteding te compenseren. Want zo'n gezin is iedere dag toerist in eigen stad, gaat ook naar cafés en restaurants, winkelt en woont en geeft dus geld uit.

Maar gelukkig investeert de meerderheid van de horeca in Maastricht wel serieus in kwaliteit, en is ook echt oprecht bezig met zijn omgeving. Ook in het Jekerkwartier, waar ik merk dat ondernemers hun uiterste best willen doen om de overlast te beperken. We zullen daar samen met de gemeente invulling aan moeten geven, want niemand kan het hun kwalijk nemen dat ze een eerlijke boterham willen verdienen. Zolang het maar met liefde voor de stad en haar bewoners gebeurt, want dat is ons aller uiteindelijke doel.

En wat is een mooier moment om dit weblog nieuw leven in te blazen dan het begin van Magisch Maastricht, de opvolger van Winterland... Een mooi moment voor het centrum, omdat er nu eindelijk spreiding plaatsvindt. Toch kunnen we nu al een aantal punten meenemen voor de evaluatie:

· Waarom moet er op het Vrijthof eerder begonnen worden met opbouwen? Dat doet afbreuk aan de afspraken rond het evenementenbeleid.

· En waarom subsidieert de gemeente wel de activiteiten op het Vrijthof en niet die op andere plekken in het centrum? Een van de doelstellingen van het evenementenbeleid is en was om de belasting van het Vrijthof terug te brengen en tegelijkertijd meer gebruik te maken van al die andere mooie pleinen en locaties in het centrum. Het is fantastisch dat bijvoorbeeld de ondernemers op de Kesselskade een mooi programma in elkaar gezet hebben. En dat zonder subsidie, precies zoals het zou moeten!

· Waarom moet er een dubbeldeks feesttent op het Vrijthof worden gebouwd terwijl er zat locaties in het Centrum kunnen worden gehuurd voor Sylvesterparty's? Het lijkt er op dat alle ondernemers gelijk zijn voor de gemeente, maar de Vrijthofondernemers een beetje gelijker dan de rest.

· Last but not least: de bewoners zijn opnieuw niet betrokken bij het maken van afspraken rondom Magisch Maastricht. Zij moeten uit de krant lezen waar en wanneer evenementen plaatsvinden, dat er een extra treintje gaat rijden, dat hun buurt ineens ook onderdeel van het winterfestival uitmaakt en ga zo maar door. Dat is volledig in strijd met alle eerdere afspraken.

Voor mij is het erg belangrijk dat ik gevoed wordt door de bewoners van het centrum. Samen staan we sterk, buiten en binnen de raad.

Zie ik u in De Pieter? 10 januari, 20:30 uur en vanaf dan elke tweede maandag van de maand: Inloopavond voor centrumbewoners.

dinsdag 22 juni 2010

Timmerfabriek: nu of nooit!

Vanmiddag raadscommissievergadering over de Timmerfabriek. Zie hieronder alvast mijn bijdrage:

"De Limburger stelde het duidelijk vanmorgen: De Timmerfabriek, het is nu of nooit. En de krant eindigde het artikel met de zin dat grootstedelijke cultuurvisie nooit zonder slag of stoot tot stand komt.

En dat klopt. Want er zijn natuurlijk mensen en partijen die van mening zijn dat investeren in cultuur niet meer dan een luxe is. En dat is in deze moeilijke tijden lastig te verkopen.

Het zal u niet verbazen dat de PvdA investeren in cultuur geen luxe maar noodzaak vindt. Ik kan een heel betoog houden over de afweging of we moeten investeren in stenen of in programmering. Of dat het gaat om een mentaliteitsverandering, meer dan een nieuw gebouw.

Zoals Jean-Paul Toonen het in zijn recente weblog stelt: Conventioneel denkend Maastricht zegt: zonder nieuwe cultuurtempels kunnen we nooit Culturele Hoofdstad 2018 worden. Terwijl de Avant Garde roept: allemaal bijzaak, het gaat om de shift in ons hoofd. En dan stelt hij voor om heel Belvédère vrij te geven, zonder regels, zonder geld om daar culturele, creatieve mensen alle ruimte te geven. Ik droom daar ook graag bij weg en zie zo’n cultureel walhalla helemaal voor me. Tussen droom en daad staan echter wetten in de weg, en praktische bezwaren... Die we wellicht weer kunnen oplossen, maar dat is een ander verhaal.

Dromen over culturele vrijplaatsen sluit voor mij in ieder geval niet uit dat we ook moeten investeren in gebouwen, in stenen. Omdat zo’n gebouw onderdak biedt aan belangrijke culturele instellingen in deze stad. Omdat toneelgroepen nu eenmaal optreden, omdat films nu eenmaal in een theater getoond worden.

Waar het uiteindelijk om gaat is dat cultuur voor Zuid-Limburg een hele belangrijke peiler is, een peiler voor welvaart – cultuur is één van de economische motoren en trekt mensen aan, en een peiler voor welzijn – het is prettig wonen en leven in een regio met een breed cultureel aanbod en –al lijkt het alsof je dat tegenwoordig niet meer mag zeggen – cultuur zorgt ook voor ontwikkeling en emancipatie.

Voorzitter, de PvdA zegt dus ja tegen het investeren in de Timmerfabriek. Ja met groot enthousiasme, zeker omdat wij ook zoveel enthousiasme van andere partijen zien. Een bedrag van bijna 40 miljoen euro (overigens complimenten voor de wethouder dat hij een paar miljoen heeft weten te bezuinigen) dat voor het over-, overgrote deel door andere partijen dan de gemeente Maastricht bekostigd wordt. Dat tekent het belang dat ook andere belanghebbenden aan de Timmerfabriek hechten. Graag krijgen wij wel nog wat meer inzicht in de wijze waarop het college de exploitatie denkt vorm te geven.

Daarnaast zien wij, om de krant nogmaals te citeren, graag wat meer grootstedelijke cultuurvisie van het college: want hoe past bijvoorbeeld de Ainsi in die visie, naast of samen met de Timmerfabriek, hoe verhouden de Maastrichtse ‘cultuurtempels’ zich tot de andere in de brede Euregio, en vooral: welke visie en ambitie heeft het college in het proces Via 2018, het proces om Europese Culturele Hoofdstad te worden? Graag nodigen wij het college uit om daar op korte termijn, bij voorkeur direct na de zomervakantie, een bijeenkomst over te organiseren.

Voorzitter, voor de PvdA is het vandaag “NU” voor de Timmerfabriek. Wij feliciteren Het Huis van Bourgondië, Toneelgroep Maastricht, Intro In Situ en Lumière met deze mijlpaal. Wij kijken uit naar de feestelijke opening. En in de tussentijd zou ik tegen de Avant Garde willen zeggen: ook mét gebouwen kun je een shift in je hoofd bewerkstelligen. Gewoon doen, dus – net als investeren in de Timmerfabriek."

vrijdag 18 juni 2010

Sjiek is miech dat

Sjiek is het eerste Maastrichtse woord dat ik leerde. En sjiek is een prachtig woord, dat je niet in het Nederlands kunt vertalen. Sjiek is namelijk iets heel anders dan chique. Sjiek is mooi, sjiek is kwaliteit, sjiek is leuk, sjiek is soms hip, sjiek is anders dan anders, maar sjiek is geen Haagse chique.

Volgens mij is dat één van de dingen die fout is gegaan bij Mosae Gusto, de ondergrondse versmarkt die er in Maastricht moest komen, maar niet van de grond gekomen is. Die wilde chique zijn, en werd (dus?) niet sjiek.

De Facebook groep 'Maak van Mosae Gusto een versmarkt met Europese allure' heeft inmiddels 119 leden en groeit nog dagelijks. Op vrijdag 16 juli om 15 uur is er een brainstormsessie in café de Pieter (in het sjieke Jekerkwartier!) - praat mee over hoe we deze droom waar kunnen maken!

Niet sjiek en niet chique is de manier waarop het college van B&W omgaat met de 50-dagen norm voor evenementen op de Maastrichtse pleinen. Tijdens de raadscommissievergadering hierover afgelopen dinsdag heeft een grote meerderheid in de raad nogmaals bevestigd dat dit geen streefcijfer is, maar een norm. En normen zijn er om aan te voldoen. Niet omdat het getal op zich heilig is, maar omdat dat getal ergens voor staat. Voor een centrum dat er niet alleen is om ván te leven, maar ook om ín te leven. Waar balans is tussen bewoners én bezoekers. En waar mensen weten waar ze aan toe zijn: maximaal 50 dagen per jaar kan er op een plein een evenement zijn. Ik blijf me er hard voor maken, hoe dan ook. Zie hieronder het krantenverslag over de vergadering.



Trouwens, is dat Bavariajurkje nu chique of sjiek?

zondag 13 juni 2010

The week after...

De verkiezingen zijn weer achter de rug en de ene analyse volgt de andere. Maurice de Hond gaat gewoon door met peilen en wat blijkt vandaag? Áls er nu verkiezingen zouden zijn geweest, dán zou de PvdA ineens 38 zetels hebben. Es is een krom letter, zeggen ze hier.

Feit is dat een groot deel van de Nederlanders kiest voor een conservatieve route. En een iets groter deel voor de progressieve route.

Precies een jaar geleden (op 7 juni 2009) schreef ik in mijn blog het volgende:

De grote winst van de PVV bij de Europese Verkiezingen is helemaal geen verrassing, het grote verlies van de PvdA evenmin. Om met het eerste te beginnen: al sinds 2002 schommelt conservatief Nederland zo rond de 40 – 50 zetels (in Tweede-Kamerzetels uitgedrukt). Ongeveer de helft gaat naar de SP, de andere helft afwisselend naar Fortuyn, Verdonk of Wilders. Neemt Wilders een grotere hap uit de koek, dan gaat ten koste van de SP.

Het grote verlies van de PvdA is evenmin een verrassing. Toen Wim Kok de ideologische veren afschudde, schudde de PvdA daarmee ook heel veel kiezers van zich af. Met name conservatieve kiezers houden van ideologie en felle retoriek: tegen Europa, tegen open grenzen, tegen de wereld, tegen de vooruitgang. Progressieven zijn pragmatischer, gaan echt voor individuele vrijheid en vragen politici die grenzen te openen in plaats van sluiten. De moderne, progressieve sociaal- democraat heeft maar één prangende opdracht voor zijn bestuurders:
zorg goed voor de samenleving, zorg voor onderwijs, zorg voor hen die het nodig hebben – en daar willen we best flink wat belasting voor betalen – dan zorgen wij goed voor onszelf. Val me niet lastig met tijdrovende marktwerking, maar zorg dat het licht brandt en verstop mijn mailbox niet met gekmakende aanbiedingen van concurrerende ziektekostenverzekeraars. Het Rijnlandse model in optima forma.

Maar een echt progressieve partij is de PvdA nooit geworden. Door consequent te blijven twijfelen tussen conservatisme (Bos’ harde toon tegen buitenlanders, Ploumen’s ordinaire scheldpartij tegen RWE, de “Duitse kolenboer, de viezerik”) en optimisme (Timmermans’ 10- puntenplan, Koenders’ internationalisme) heeft de PvdA nu ook de progressieve kiezer van zich afgeschud. Deze keer liepen de PvdA- kiezers massaal naar D66 over. En zo zijn we erin geslaagd uiteindelijk iedereen van ons af te schudden. Alleen de trouwe gewoontestemmer blijft over.

Dick Pels heeft met zijn commentaar in de NRC van zaterdag 6 juni jl. natuurlijk
gelijk: het gaat allang niet meer tussen links en rechts, maar tussen conservatief en progressief, tussen angst en hoop. De beste conservatieve partij is de Partij van de Angst en is dus de PVV. Het kopiëren van Wilders’ gedrag door Bos en Ploumen is een mislukte poging om in het gevlei te komen bij een groep kiezers die liever echte cola drinkt dan namaak-cola. Als de PvdA nu niet als de wiedeweerga een onverdroten hoopvolle, positieve, optimistische koers gaat varen, kan ze het vergeten. Binnen het optimisme zijn er natuurlijk ook concurrenten – met name D66 – en daar moet de PvdA haar ervaring en bestuurskracht tegenover stellen. Niet kiezen tussen de issues die er echt toe doen of erger – trachten de succesformule van Wilders te kopiëren – leidt onherroepelijk tot de ondergang.

Wat mij betreft, geldt deze analyse nog onverkort. Met Cohen is er meer ruimte voor hoop en optimisme gekomen – ‘de boel bij mekaar houden’ is een oprecht hoopvolle boodschap. En dat heeft geleid tot minder verlies voor de PvdA dan bij de Europese verkiezingen. Natuurlijk zijn er ook nog allerlei andere factoren die een rol spelen, maar ik ben en blijf ervan overtuigd dat we níet moeten wegduiken, maar de weg naar voren moeten nemen: met een hoopvol en optimisch verhaal, een verhaal waarmee we mensen kunnen overtuigen, waar mensen in geloven, waar mensen vertrouwen in hebben. Vrolijk en vrijzinnig Links, om met Mei Li Vos te spreken.

Dat verhaal blijf ik in ieder geval in Maastricht vertellen. Bijvoorbeeld op zondag 27 juni a.s., tijdens het Manus van Alles festival. Wie weet tref ik je daar, op de koffie bij de PvdA.

En oh ja, a.s. dinsdag staat het jaarprogramma evenementen op de agenda van de raadscommissie Economische en Sociale Zaken. Mijn bijdrage staat al op dit weblog

woensdag 26 mei 2010

MVV - of hoe leuk politiek kan zijn

Wie mij twee maanden geleden gezegd zou hebben dat ik nog eens met veel plezier bezig zou zijn met de toekomst van betaald voetbal in Maastricht zou ik voor gek verklaard hebben. Ik kijk alleen naar voetbal bij WK’s en EK’s en ik vind dat gemeenschapsgeld niet in de bodemloze putten van niet goed bestuurde betaald voetbal-organisaties gestort mag worden.

Dus stond ik erg sceptisch tegenover het voorstel van het Maastrichtse college om MVV de achtergestelde lening kwijt te schelden en stadion de Geusselt te kopen. Dan kun je als raadslid een paar wegen bewandelen: tegen zijn en blijven of je verdiepen in een dossier en op basis van argumenten en een toekomstvisie voor de stad kijken hoe je een resultaat kunt neerzetten dat uiteindelijk het beste voor stad en regio is. Ik heb voor het laatste gekozen en ben samen met collega Josje Godwin de boer op gegaan. Vele gesprekken en discussies volgden: gesprekken met de fractie, collega-raadsleden, geïnteresseerde Maastrichtenaren, wethouders en vooral met de initiatiefnemers van het nieuwe MVV: de Maatschappelijke Voetbal Vereniging Maastricht.

Stap voor stap hebben we ons verdiept in de voor- en nadelen en de gevolgen van het wel of niet aankopen van het stadion. Met steeds één doel voor ogen: waar heeft de stad uiteindelijk het meeste aan. Want welk besluit we ook zouden nemen, voorop staat dat je het moet kunnen uitleggen, niet alleen aan collega’s en de pers, maar vooral aan al die Maastrichtenaren die van ons mogen verwachten dat we niet alleen naar ze luisteren, maar vooral ook verantwoording afleggen over de besluiten die we nemen.

Tijdens al die gesprekken ben ik er achter gekomen dat voetbal niet alleen voor heel veel mensen amusement biedt, maar ook kansen geeft om meer sociale samenhang en creatieve energie tot stand te brengen. En eerlijk gezegd werd ik steeds enthousiaster vanwege het enthousiasme van de initiatiefgroep MVV Maastricht.

Maar dat nieuwe MVV moet dan ook wel écht tot bloei komen, en daarom moet dat ook in de besluitvorming verankerd zijn. Dus hebben we die voorwaardes in het raadsvoorstel laten opnemen en dienen we nog een extra motie in tijdens de raad vanavond.

Via persberichten hebben we ons denkproces transparant gemaakt: van voorwaardes stellen tot voorwaardes verwezenlijken. Zodat iedereen weet hoe de PvdA werkt en ons daar ook op kan bevragen. Zó is politiek leuk: weten wat je wilt realiseren, bezig zijn met de inhoud, een duidelijk proces volgen en uiteindelijk ook nog resultaten boeken. Wat mij betreft gaan we daar de komende vier jaar gewoon mee door.

Klik hier voor het persbericht van de PvdA over MVV.

vrijdag 14 mei 2010

Koopzondagen-als-evenement: waarom altijd alles of niets?

Goede column van Claire van Dyck vanmorgen in De Limburger. Als politicus die opkomt voor Balans in de Binnenstad heb ik ook helemaal niks met bomvolle winkelstraten op zondag en verstopte wegen.

Punt is dat we (overheid EN ondernemers) het altijd 'alles of niets' willen. Of allemaal open - met een opgeklopt koopzondag-evenement als gevolg - of allemaal dicht; met als gevolg dat we naar België moeten rijden om een avondmaal te kunnen kopen.

Het 'koopzondag-als-evenement' is de boosdoener. Het zou eigenlijk vanzelfsprekend moeten zijn dat alle winkels elke dag (zondag, en maandag, en dinsdag, enz.) zelf mogen beslissen of ze opengaan. Gegarandeerd dat je dan op zondag een veel rustiger beeld krijgt dan nu. Een enkele supermarkt zal open zijn, wat bakkers (zoals dat nu ook al is), misschien wat delicatessenzaken. En ach ja, soms zal ook de Bijenkorf opengaan, maar naar ik uit eigen mond van de manager heb vernomen zeker niet elke zondag. Laten we het eens proberen. Heel veel Europese steden kennen dit regime (ik kom net terug uit Berlijn) en daar zie je op zondag een enkele geopende winkel, en echt een veel en veel rustiger beeld dan op zaterdag. Een echte zondag dus.

Het is een beetje on-Maastrichts en zelfs on-Nederlands om ondernemers de vrijheid te geven om te ondernemen wanneer hen dat goeddunkt. We walsen ze plat met regeltjes.

Mijn enige harde criterium waar ik ondernemers op zou willen toetsen is overlast die de woonfunctie aantast. Zo moet er geen uitbreiding zijn van horeca (in de stad met de hoogste café-dichtheid van Nederland) en een maximum aan het aantal evenementdagen op een locatie (zodat overlast wordt gespreid).

Als een vrijstelling van de verplichte zondagssluiting zou leiden tot minder overlast dan het huidige, gedwongen, koopzondagenmodel, dan zouden we dat meteen moeten invoeren.

Je komt daar trouwens alleen maar achter door er een jaar mee te experimenteren. Wie durft de uitdaging aan?

Trouwens: ook altijd al gevonden dat Mosae Gusto alles in zich heeft om een échte versmarkt naar Europees voorbeeld te worden, maar dat er dan wel wat moet gebeuren? Word dan nú lid van deze facebookgroep.

woensdag 28 april 2010

Stadsbestuur moet nu écht keuzes gaan maken

Kort berichtje in De Limburger van vanmorgen: 50-dagengrens overschreden. Ook dit jaar wordt het Vrijthof meer dan vijftig dagen benut voor evenementen. Het college heeft dus opnieuw nagelaten om keuzes te maken.

Natuurlijk is de druk groot, en soms bijna niet te weerstaan, om toch dat ene evenement ruimte te geven waar het niet meer kan. En dus zegt het college dat de 50-dagen grens ook in 2010 voor het Vrijthof niet haalbaar is.

Niet haalbaar? Onzin! Het is simpelweg een kwestie van optellen en een streep trekken bij 50. En dat moet je niet bot doen, maar wel ferm. En evenementen-organisaties dus duidelijk maken dat er ook op andere pleinen ruimte is. En ze daarbij helpen.

Ik heb inmiddels al talloze keren voorgerekend dat er ook bij 50 dagen meer dan genoeg ruimte is voor evenementen op het Vrijthof. Bijvoorbeeld: 28 dagen Winterland, 16 dagen Rieu/Zomervestival, 4 dagen Preuvenemint. Of: 28 dagen Winterland, 9 dagen Rieu/Zomerfestival, 4 dagen Preuvenemint, 5 dagen Kermis, 3 dagen Jeux de Boules. En ga zo door maar door. De keuze is aan B&W.

De 50-dagengrens is niet voor niets door vrijwel de gehele gemeenteraad omarmd. De 50-dagengrens is ook niet voor niets in het bestuursakkoord van het nieuwe college opnieuw vastgelegd. Want de ongebreidelde groei van dagjesmensen en evenementen zet de leefbaarheid in de stad enorm onder druk. En het gebrek aan keuzes – alles moest kunnen – heeft daaraan bijgedragen. Dankzij de 50-dagen-norm wordt het stadsbestuur verplicht te kiezen, te spreiden en te regisseren. Geen keuze tussen OF bewoners OF bezoekers, maar een keuze voor bewoners én bezoekers, en het spreiden van de lasten en de lusten.

Niet haalbaar is geen argument. Het stadsbestuur moet nu echt gaan kiezen. En natuurlijk blijf ik daar bovenop zitten. Desnoods schenk ik ze een telraam met 50 bolletjes. Maastricht is te mooi om aan een gebrek aan keuzes ten onder te laten gaan.

donderdag 1 april 2010

Coalitie gevormd

Na een hectisch weekend en enkele fractievergaderingen, is de Maastrichtse coalitie nu rond. Vandaag geeft onze PvdA-fractie het volgende persbericht uit:

-------------------------------------------------------------------------------------
PvdA-fractie Maastricht tevreden met coalitie-akkoord, Jacques Costongs en Albert Nuss wethouder

De PvdA-fractie van de gemeenteraad Maastricht heeft haar tevredenheid uitgesproken over het bereikte coalitie-akkoord tussen CDA, D66, SeniorenPartij en PvdA. Daarmee geeft de PvdA aan bestuursverantwoordelijkheid te willen dragen voor de periode 2010 – 2014. De fractie waardeert de soliditeit en solidariteit in het akkoord, is verheugd over het stevige accent op regionale samenwerking en het hoge gehalte aan realisme waarmee stevig omgebogen moet worden om de begroting sluitend te houden, maar waarin tegelijk genoeg beleidsruimte overblijft voor (nieuwe) initiatieven waarmee ook de PvdA de beloftes aan haar kiezers in voldoende mate kan nakomen.

De onderhandelingen over de portefeuilleverdeling zijn in een dusdanig afrondende fase beland, dat de PvdA een tweede wethouderskandidaat kan presenteren naast lijsttrekker en partijleider Jacques Costongs. Albert Nuss wordt PvdA-wethouder voor verkeer en mobiliteit, duurzaamheid en de gebiedsontwikkeling van de ENCI. Albert Nuss is op dit moment algemeen directeur van de Algemene Onderwijs Bond (AOb), die deel uitmaakt van de FNV. Daarnaast was Albert Nuss onder andere het afgelopen jaar voorzitter van de programmacommissie verkiezingen 2010-2014 van de PvdA Maastricht en is hij voorzitter van de Harmonie St. Pieter. Jacques Costongs gaat voor de PvdA de portefeuille Cultuur (inclusief kandidatuur Culturele Hoofdstad), Wonen en Wijken vervullen.

De fractie realiseert zich terdege dat in een vierpartijencoalitie compromissen niet uit de weg gegaan kunnen worden en niet alle politieke wensen verzilverd kunnen worden. De fractie had een sterke voorkeur voor de economische portefeuille, en om die reden mw. Nelleke Barning bereid gevonden zich kandidaat te stellen. Gezien haar affiniteit en achtergrond (DSM) was zij de goede kandidaat voor een dergelijke post. Nelleke Barning heeft de kandidatuur aanvaard, maar ook telkenmale duidelijk aangegeven dat die kandidatuur verbonden was aan deze economische portefeuille. Toen uiteindelijk bleek dat de economische portefeuille er voor de PvdA niet in zat, was het besluit van mevrouw Barning om af te zien van haar kandidatuur dan ook volstrekt logisch en consequent.

Nu het coalitie-akkoord en de portefeuilleverdeling op hoofdlijnen zijn vastgesteld, kan het nieuwe college op 6 april worden geïnstalleerd. Daarna zullen de fractie-onderhandelaars verantwoording afleggen aan de Algemene Ledenvergadering over het bereikte akkoord en de portefeuilleverdeling daarin. De datum voor deze ALV is nog niet bekend.
-------------------------------------------------------------------------------------

Binnenkort weer eens een persoonlijk weblog, dat beloof ik jullie!

zondag 28 maart 2010

Wethouderskandidatuur ingetrokken

Vandaag heb ik, in overleg met de partijvoorzitter van de PvdA Maastricht, besloten niet langer kandidaat-wethouder voor de PvdA in Maastricht te zijn. De reden daarvoor is dat ik inhoudelijk te weinig affiniteit heb met de portefeuille die ik als wethouder zou kunnen gaan vervullen. Wetende dat de PvdA kan putten uit een rijk arsenaal van andere kandidaten, heb ik besloten om mijn kandidatuur in te trekken.

Het is nu heel hectisch met telefoon en vragen - later deze week kom ik er nog wel op terug.

donderdag 4 maart 2010

Tja.

Gelukkig had ik Wim bij me, want er zijn maar weinig mannen in mijn leven die me kunnen troosten en feliciteren tegelijk. De PvdA van 13 naar 6 zetels. Vreselijk. Maar ik ben herkozen, en ik schijn zelfs meer voorkeursstemmen te hebben dan vorige keer. Morgen horen we de cijfers. Vandaag likken we de wonden.

En voor jullie, degene die mij gekozen en gesteund hebben: super veel dank! Ik zal me met hart en ziel voor stad en binnenstad inzetten - zoals jullie dat van me gewend zijn en dan nog beter. Jullie vertrouwen wordt waargemaakt, reken daar maar op. Dank je wel allemaal.

dinsdag 2 maart 2010

Wie is die meneer naast Nelleke Barning?



een van de vele fans van de nummer 4 op lijst 1?

Echt waar. Als ik af mag gaan op de vele, vele enthousiaste reacties tijdens het flyeren, canvassen en rozen uitdelen haalt de PvdA morgen 19 zetels. Met uw stem komen we in ieder geval een end in de buurt!

Ik meen oprecht, vanuit het diepst van mijn hart, dat een club die de boel bij mekaar houdt het beste is dat ons op dit moment kan overkomen. Dat geldt zeker voor Maastricht, waar de balans tussen bewoners en bezoekers mijn resultaat is geweest en zal blijven.

Met uw steun ga ik door!

Wil je mijn campagne volgen? Word vriend op Facebook.